|
Een geit, die voor de Zuid-Hollandsche geitenfokkerij van groote beteekenis is geweest. |
|
Cor 2237 R |
In het jaarverslag van den Provinciale Bond van Geitenfokvereen in Z.-H. over het jaar 1928 werd door den toenmaligen secretaris, dhr. Kramer, het een en ander geschreven over de geit Cor 2237 R., die ook ingezonden was op de Nationale Tentoonstelling in Den Haag.
Hij noemt onder andere de melklijsten van deze geit en van eenige dochters op en eindigt hier over met de woorden: “Dus een familiegroep van hooge waarde”.
Het leek mij wel de moeite waard om ook in “De Geit” eens de groote invloed van deze geit te behandelen.
Cor 2237 is in 1923 bij dhr. H. van der Grond te Strijen geboren. Vader was de bok Pedro No. 7, terwijl de moeder niet geregistreerd was. |
Cor werd in de zomer 1924 ingeschreven met het volgende keuringsrapport:
|
Algemeen voorkomen |
ab |
|
Voorhand |
b+ |
|
Rug en lenden |
b+ |
|
Kruis |
b+ |
|
Beenen, stand en gang |
ab |
|
Uier |
ab |
Hieruit blijkt dus wel, dat Cor een mooie geit was. Het is niet alleen een mooie geit, doch ook een productieve geit, wat uit onderstaande productiegegevens duidelijk tot uiting komt:
|
leeftijd: |
K.G. melk: |
% vet: |
dagen: |
|
1-jarige |
459
|
4,95 |
251 |
|
2-jarige |
631 |
4,83 |
305 |
|
3-jarige |
756 |
4,89 |
294 |
|
4-jarige |
812 |
4,73 |
290 |
|
5-jarige |
780 |
4,26 |
300 |
|
6-jarige |
828 |
4,39 |
315 |
|
8-jarige |
861 |
4,44 |
298 |
|
 |
| Cor 2237 met afstammelingen. |
|
Cor behaalde op verschillende keuringen prijzen en medailles, en werd door dhr. Roest dan ook uitgezocht om ingezonden te worden op de groote Nationale Tentoonstelling
in 1928. Zij behaalde daar geen prijs omdat men ze te klein vond. Men kan hier natuurlijk verschillend over oordeelen, doch het streven in Z.-H. is vanaf het begin af aan geweest om productieve geiten te fokken, die lang mee gaan. Dhr. Roest heeft dan ook Cor altijd zeer hoog aangeslagen en niet ten onrechte. Cor heeft een zeer gunstige invloed op de fokkerij uitgeoefend.
|
In de eerste plaats wil ik hier onder de vrouwelijk nakomelingen laten volgen:

Uit deze opsomming blijkt dus, dat van Cor vele geiten geregistreerd zijn. Van de drie dochters zijn de volgende melklijsten bekend:
|
Cor II
|
leeftijd: |
K.G. melk: |
% vet: |
dagen: |
|
1-jarige |
727 |
5,09 |
255 |
|
2-jarige |
728 |
4,45 |
278 |
|
3-jarige |
873 |
4,10 |
272 |
|
5-jarige |
1042 |
4,40 |
312 |
|
7-jarige |
873 |
4,26 |
291 |
|
Rika:
|
leeftijd: |
K.G. melk: |
% vet: |
dagen: |
|
5-jarige |
693 |
4,02 |
275 |
|
6-jarige |
668 |
4,00 |
261 |
Cor IV:
|
leeftijd: |
K.G. melk: |
% vet: |
dagen: |
|
1-jarige |
798 |
4,21 |
286 |
|
2-jarige |
740 |
4,37 |
287 |
|
Deze dochters hebben dus wat de productie betreft de moeder wel nagevolgd. Hetzelfde zien wij bij verschillende kleindochters, zooals bijvoorbeeld bij Hennie 4634 S.
Deze gaf:
|
leeftijd: |
K.G. melk: |
% vet: |
dagen: |
|
1-jarige |
473 |
5,20 |
264 |
|
2-jarige |
796 |
4,63 |
262 |
|
3-jarige |
764 |
4,62 |
270 |
|
4-jarige |
778 |
4,91 |
279 |
|
5-jarige |
620 |
5,14 |
234 |
Van de andere kleindochters zijn nog niet veel gegevens bekend, zoodat wij het bij deze opgave van melklijsten zullen laten.
|
Cor II
Wat de dochters betreft is vooral Cor II op de voorgrond getreden. Deze geit werd in 1926 ingeschreven. Voor rug en lenden werd een b toegekend, en voor de andere onderdelen allemaal ab. Dus wel het bewijs, dat dit een prima dier was. |
Van deze geit zijn naast de genoemde dochter verschillende zoons aangefokt, waarvan Leen 240 S wel de belangrijkste geweest is.
Deze bok heeft in de volgende afdeelingen gestationneerd gestaan: Giessen-Nieuwkerk (2 jaar), Achterdijk (2 jaar), Asperen (1 jaar) en staat nu in de afdeeling Oosterwijk.
Van dezen bok is ook weer een zeer groot aantal zoons en dochters ingeschreven. Ottoman 310 S, een der beste bokken van Zuid-Holland is onder andere van hem afkomstig.
Uit de dochter van Cor II, Henny 4634 S, werd onder andere de bok Landman 237 S gefokt, waarvan niet minder dan 28 dochters in het Stamboek opgenomen zijn.
|
 |
| Ottoman |
|
Van de andere dochters en kleindochters zijn ook wel eenige bokken gefokt, doch deze zijn niet zoo op den voorgrond getreden, zoodat ik die verder buiten beschouwing zal laten.
|
Zoons van Cor 2237 R Naast de genoemde dochters, zijn er van de oude Cor ook verschillende zoons gefokt en wel de volgende: Izak 203 S
Joseph 216 S (verkocht naar Utrecht)
Jaap 220 S
Nol 273 S
Ricardo 388 S
Het is buitengewoon interessant om ook hier weer de afstammelingen van na te gaan, doch dit zou mij te ver voeren.
Het doel van dit artikel was vooral, om eens de groote invloed van een geit uit te laten komen.
|
S. de Jong Szn.
`s-Gravenhage, 15 april 1937
De Geit en hare Verzorging, mei 1937 |
|